De 3 meest voorkomende urinewegproblemen bij de hond

15 maart 2021

Heeft je hond moeite met plassen? Is hij plots onzindelijk? Dan heeft hij mogelijks last van een urinewegprobleem. Urinewegproblemen kunnen uw hond heel wat pijn en ongemak bezorgen. LUTD (Lower Urinary Tract Disease) is de verzamelnaam voor aandoeningen van de urinewegen (blaas, urineleiders en plasbuis). Deze aandoeningen zijn vaak moeilijk te behandelen. Ze kunnen zich uiten op verschillende manieren en hebben verschillende oorzaken. Welke zijn nu de 3 meest voorkomende urinewegaandoeningen waar een hond kan aan lijden? Waarop moet je dan letten? En hoe kunnen we ze behandelen en vermijden in de toekomst?

1. Urineweginfectie

Een urineweginfectie bij de hond wordt vrijwel altijd veroorzaakt door 1 of meerdere soorten bacteriën. Deze bacteriën zijn de natuurlijke bewoners van de vagina of voorhuid. Ze kunnen de blaas bereiken en leiden tot een blaasinfectie (blaasontsteking). Teefjes hebben vaker last van blaasontstekingen. Omdat teefjes een kortere en wijdere hebben dan reutjes, wordt de blaas sneller en makkelijker bereikt door bacteriën die er niet horen.

 
Ook blaasgruis kan een blaasontsteking veroorzaken. Bij de meeste honden is het blaasgruis echter het gevolg van de blaasontsteking en niet de oorzaak. Na een behandeling van de bacterie, verdwijnt het gruis. Blaasontsteking komt ook makkelijk voor bij dieren met een verzwakte afweer zoals bijvoorbeeld chronisch nierfalen, suikerziekte, ziekte van Cushing, prostaatproblemen, etc. Dit heet dan een 'gecompliceerde blaasontsteking'.

De klachten zijn bij alle urinewegproblemen gelijkend: moeite met plassen, pijn bij het plassen, vaak kleine plasjes, persen, onzindelijkheid, bloed in urine, aan geslachtsdeel likken, ...De diagnose wordt gesteld dmv een urineonderzoek en eventuele kweek om te weten om welke bacterie het gaat en aan welk antibioticum de bacterie gevoelig is. Urineweginfectie wordt behandeld met een antibioticakuur en eventueel pijnstilling. Bij een gecompliceerde blaasontsteking dient het onderliggend probleem aangepakt te worden. 
 

2. Blaasgruis -en blaasstenen

 

Struviet komt veruit het meest voor bij onze huisdieren.

Nummer 2 oorzaak van urinewegproblemen bij de hond is ongetwijfeld blaasgruis en/of blaasstenen.

Vorming van struviet-, calciumoxalaat-, uraatstenen of -kristallen in de blaas kunnen voorkomen door te lage pH van de urine, verkeerde voeding, een aanleg van de hond, blaasinfectie, onderliggende oorzaken,...Klachten zijn dan moeilijk plassen, pijn bij het plassen, kleine plasjes, onzindelijkheid, bloed in urine, persen.

Mannelijke honden hebben nog eens het extra gevaar dat een steentje vast komt te zitten in de plasbuis van de penis, waardoor ze niet meer kunnen plassen. Dit is een spoedgeval. Wanneer je ziet dat je dier niet meer kan plassen, moet je altijd direct je dierenarts contacteren. De dierenarts probeert dan de verstopping op te heffen door een urinesonde te plaatsen, een infuus aan te leggen en een gepaste behandeling in te zetten.

Als je huisdier wel nog goed kan plassen kan het zijn dat de de steentjes/kristallen alsnog uitgeplast worden. Als de steen te groot is, zal de dierenarts hoogstwaarschijnlijk beslissen dat je hond geopereerd moet worden om de steen te verwijderen.

Struvietkristallen en struvietstenen hebben het 'voordeel' dat ze op te lossen zijn met aangepaste voeding. Een specifiek dieet hiervoor is Royal Canin Urinary S/O . Royal Canin Urinary S/O Moderate Calorie is voor dieren met overgewicht en Royal Canin Urinary S/O Ageing 7+ is voor oudere honden. Het belangrijkste wat je als baasje zelf kan doen bij urolithiase is: je hond altijd voorzien van vers water, hem stimuleren om te drinken en veel buiten laten plassen. Verder kan je de speciaal ontwikkelde dieetvoeding op lange termijn zonder probleem verder blijven geven ter preventie van blaasgruis en blaasstenen. 

3. Incontinentie

Incontinentie is onwillekeurig urineverlies dat kan veroorzaakt worden door afwijkingen aan de blaas of de urinebuis of door neurologische aandoeningen. Het kan gaan om grote hoeveelheden urine of een aantal druppeltjes verlies. Meestal gebeurt dit tijdens het slapen of tijdens het rusten in zijlig. Wanneer het om onbewust urineverlies gaat, betekent dat dat je hond het niet door heeft dat hij urine verliest, maar hij merkt wel de gevolgen ervan: een natte mand, een natte stinkende vacht, huidirritatie en misschien wel een boos baasje.
Er zijn 3 oorzaken van incontinentie: 

Problemen met de sluitspier van de blaas

Een blaaskringspierprobleem is de meest voorkomende oorzaak van onbewust urineverlies bij de hond. Oude honden hebben dikwijls last van urineverlies. Naarmate een hond ouder wordt, neemt de spanning van de blaassfincter sowieso af, waardoor de kans op incontinentie groter wordt.

Ook bij gesteriliseerde teefjes zien we deze vorm van urineverlies vaak. Door de sterilisatie vallen de oestrogenen (de geslachtshormonen) weg. Dit heeft een negatief effect op de spanning van de blaassfincter. De plasbuis wordt niet meer goed toegedrukt en gaat zelfs een beetje open staan met urine-lekkage tot gevolg. Gesteriliseerde teefjes met overgewicht en teefjes gesteriliseerd voor de eerste loopsheid hebben nog een extra risico voor ongecontroleerde incontinentie. Gelukkig valt dit ongemak op te lossen met specifieke medicijnen, te verkrijgen bij je dierenarts.

Neurologische aandoening

Dit kan voorkomen als er bv rugklachten of rugtrauma (hernia,...) is. De zenuwvoorziening vanuit de rug en ruggenmerg naar de blaas is dan beschadigd. Daardoor krijgt de blaas geen signaal meer dat ze zichzelf moet ledigen. De blaas raakt dan overvol, overstroomt, waardoor urine gelekt wordt. Als behandeling wordt meestal rust en handmatige blaaslediging (waarbij de eigenaar de hond helpt met het uitduwen van de blaas) voorgeschreven. In andere gevallen is de schade helaas soms onherstelbaar en de incontinentie niet omkeerbaar.

Aangeboren afwijking

Urineverlies kan voorkomen bij jonge honden met een aangeboren afwijking van de urinewegen. Een jonge hond kan bijvoorbeeld 'ectopische ureters' hebben. Dat wil zeggen dat de urineleiders die van nieren naar blaas lopen, op een verkeerde plaats uitmonden in de blaas. De pup lekt dan urine. Dit wordt vaak al opgemerkt bij de fokker of vrij snel door de nieuwe eigenaar en is operatief op te lossen bij de dierenarts. 
 

De problemen die ik hierboven beschreef, zijn allemaal medische problemen. Een andere belangrijke factor is het gedrag van een hond. Als er geen medische oorzaak voor de onzindelijkheid te vinden is, ligt een gedragsprobleem vaak aan de basis. Dit probleem en wat u er kan aan doen, bespreek ik in het blogartikel 'Help, mijn hond plast in huis!'. 

De urinewegen van je hond extra ondersteunen? Dat kan met speciale hondenvoeding! Maak je keuze uit onze selectie:

Vragen? 

Bleef je met vragen zitten rond dit thema? Geen nood! Onze dierenarts helpt jou verder.

Reacties